Klimmen in Manali

Categorie:
In mei hebben we Getsok ingeschreven voor de basis klimcursus die 1 juli begint in het Atal Bihari Vajpayee Institute of Mountaineering in Manali. Er zijn een paar klimscholen in de berggebieden van India, waar ze cursussen geven, maar ook opleiden tot instructeur en expeditieklimmer; één in Uttarkashi, die naar Nehru is vernoemd, die een zwak had voor bergen en klimmers, en één in Darjeeling, gesticht door Tenzin Norgay, met Edmund Hillary de eerste man die de top van Everest bereikte. Wij kiezen voor Manali, vooral omdat het voor ons bereikbaarder is dan de andere twee instituten en de kwaliteit van de basisopleiding niet veel van elkaar verschilt.
We downloaden een inschrijvingsformulier, bellen met Rajiv Sharma, onderdirecteur en leider van de sectie klimmen, die zijn geeft fiat, we maken een bankdraft en faxen een kopie, samen met een gezondheidsverklaring. Ziezo.
Als we in Manali aankomen op 30 juni, Getsok met nieuwe rugzak vol noodzakelijke klim- en bivakattributen, is hij op geen enkele lijst te vinden en maakt men aanstalten ons vriendelijk doch beslist, onverrichter zake weg te sturen. De cursus zit vol.
Praten als Brugman helpt, ook al omdat we van verre komen; herinneringen ophalen aan eerdere bezoeken leidt tot vage herkenningen, maar uiteindelijk is het Sharma, die terugkomt van een lecture en zich de telefoongesprekken uit mei herinnert, die alles is een vloek en een zucht in orde maakt.
De cursus kan beginnen: een maand lang elke ochtend om 5 uur op, en een uur trainen voor het ontbijt. Lessen over klimtechnieken, de geschiedenis van het klimtouw, het weer in de Himalaya, lawines, hoe pak ik een rugzak in, wat zijn de symptomen van hoogteziekte en hoe voorkom je  verwondingen veroorzaakt door kou. Praktijklessen in `snow craft, ice craft en bush craft’, rotsklimmen, touwknopen, belay leggen, ankers zetten en crevasse redding. Ze gaan naar een basiskamp in Lahaul, en van daar de bergen in en de gletsjers op.
De cursus wordt afgesloten met tests en als je daarvoor slaagt met lof, mag je door naar de volgende cursus. Geen vakantiekampje.
Wat bleekjes om de neus laten we Getsok achter, maar als ik de volgende ochtend terugkom om naar het `opening address’ van Sharma te luisteren, is hij al helemaal bijgedraaid.
Sharma’s speech is een mengeling van aansporing - doe je uiterste best, geef alles wat je in je hebt; motivatiepraat - als je het wilt, kan je het, en een opsomming van alle speciale prijzen die je kan verdienen: voor excellence, voor milieubewustzijn, voor leiderschap en voor samenwerking.
 
In zijn kantoor glimlacht Sharma me vriendelijk toe: `Geen zorgen, je jongen komt uit Ladakh. Het gaat hier altijd goed met Ladakhi.’ We zullen het zien.